De zomer van 2026 was een zomer van records. Onze infographic toont hier de meest opmerkelijke ervan. Maar dit waren lang niet de enige records van dit uitzonderlijke seizoen (zie commentaar hieronder).
Hoe deze grafiek interpreteren?
De bollen vertegenwoordigen het seizoen ( ZOMER ) sinds 1981, ingedeeld volgens 2 assen: de 'temperatuuras' (horizontaal) en de 'neerslagas' (verticaal). Een seizoen binnen de normen voor beide parameters zal een bol opleveren gecentreerd op beide assen. In het geval van een warm en droog seizoen zal de bol beneden rechts gepositioneerd zijn; een koud en vochtig seizoen zal een bol opleveren bovenaan links.
De zonneschijnduur wordt voorgesteld door de afmeting van de bol: hoe zonniger het seizoen is, hoe langer de diameter van de bol.
| seizoen | ZOMER, 2026 | Normalen (1991 - 2020) |
| Temperatuur | 20.3°C | 17.9°C |
| Zonneschijn | 778.7 u | 595.2 u |
| Neerslag | 200.2 mm | 234.5 mm |
| Neerslagdagen | 36 d. | 42.3 d. |
details per maand:
|
Waarden |
juni 2026 |
juli 2026 |
augustus 2026 |
T° moy |
19.8°C 20.9°C 20.2°C | ||
Neerslag | 114.6 mm | 10.6 mm | 75.0 mm |
|
Zonnerschijn |
235.7 u. |
307.9 u. |
235.1 u. |
* Belangrijke opmerking over de gemiddelden: vanaf januari 2021 zullen we de gemiddelden van de periode 1991-2020 als norm hanteren
Inleiding
De meteorologische zomer van 2026 was zeer uitzonderlijk wat betreft de hoge temperaturen en de grote zonneschijnduur, terwijl de neerslag binnen de normale waarden bleef, zowel wat hoeveelheid als frequentie betreft (referentiestation: Ukkel).
(De meteorologische zomer bestaat uit de maanden juni, juli en augustus.)
Wat de temperaturen betreft, waren juni, juli en augustus warmer dan normaal.
Wat de neerslaghoeveelheden betreft, lagen juni en augustus dicht bij de normale waarden, terwijl juli droger was dan normaal.
Wat de zonneschijnduur betreft, waren juni, juli en augustus zonniger dan normaal.
Commentaar
De zomer van 2026 was dus de warmste die ooit in België werd geregistreerd. Hij werd met name gekenmerkt door vier zeer warme perioden, die telkens door te korte perioden van enige verkoeling van elkaar werden gescheiden.
De eerste zeer warme periode was officieel een hittegolf. Ze liep van 17 tot 28 juni, goed voor 12 zomerdagen (≥ 25 °C), waarvan 7 hittedagen (≥ 30 °C), in ons referentiestation Ukkel. De tweede zeer warme periode voldeed net niet aan de criteria voor een hittegolf, met 12 zomerdagen (≥ 25 °C) tussen 6 en 17 juli, waarvan 2 hittedagen (≥ 30 °C). De ontbrekende hittedag om aan de criteria van een hittegolf te voldoen, was 11 juli, toen het « slechts » 29,9 °C werd. De derde zeer warme periode, van 28 juli tot 5 augustus, was opnieuw een officiële hittegolf, met 9 zomerdagen (≥ 25 °C) en 3 hittedagen (≥ 30 °C). Ten slotte was ook de vierde zeer warme periode een officiële hittegolf, met, net als de vorige, 9 zomerdagen (≥ 25 °C) en 3 hittedagen (≥ 30 °C).
Tussen deze perioden waren de adempauzes vaak kort: van 29 juni tot 5 juli (7 dagen), van 18 tot 27 juli (10 dagen) en van 6 tot 7 augustus (2 dagen). Daarbij moet worden opgemerkt dat geen van deze « adempauzes » echt koel weer bracht. Dat is een van de verschillen met de vroegere grote zomers van 1911, 1947 en 1976: de onderbrekingen tussen de hete perioden waren toen veel koeler (soms zelfs koud voor de zomer) en drukten daardoor de gemiddelde temperatuur van die zomers veel sterker.
Van deze zomer zullen we ook de historische brand in onze Hoge Venen, midden augustus, onthouden. Bijna 3.000 ha ging in vlammen op, waarmee dit de grootste ramp van dit type was sinds minstens 1911.
Ook de onweersbuien van eind juni en de onweerslijn van 19 augustus zullen ons bijblijven. Die laatste veroorzaakte zware windstoten, overstromingen en één, mogelijk zelfs meerdere tornado's, onder meer in Büllingen.
Deze zomer van 2026 was in Ukkel ook een seizoen van records:
- de gemiddelde temperatuur: 20,3 °C (vorig record: 19,9 °C in 2018);
- de gemiddelde maximumtemperatuur: 25,2 °C (vorig record: 24,8 °C in 1976);
- de gemiddelde minimumtemperatuur: 15,2 °C (vorig record: 14,8 °C in 2018);
- het grootste aantal zomerdagen (maximum ≥ 25 °C): 46 dagen (vorig record: 43 dagen in 2018);
- het grootste aantal opeenvolgende lentedagen (maximum ≥ 20 °C): 64 dagen (vorig record: 54 dagen in 1995 en 2003);
- het grootste aantal zeer hete dagen (maximum ≥ 35 °C): 3 dagen (vorig record: 2 dagen in 2018 en 2020);
- de hoogste maximumtemperatuur ooit gemeten in augustus: 35,9 °C (gedeeld record met 2020);
- de warmste periode van 30 opeenvolgende dagen: 23,4 °C van 17 juli tot 16 augustus (vorig record: 23,2 °C van 21 juni tot 20 juli 1976);
- de globale zonnestraling: 519,1 kWh/m² (vorig record: 510,8 kWh/m² in 2025).
En de « bijna-records »:
- het grootste aantal hittedagen (maximum ≥ 30 °C): 15 dagen (net onder het record van 1976 met 18 dagen);
- de op één na zonnigste zomer: 778,6 uur (net onder het record van 779,2 uur in 2022).
Om deze zomer van 2026 te vergelijken met de zomers sinds 1981 op onze grafiek hierboven, kunnen we hem onder meer vergelijken met de zomers van 2003 en 2018, die eveneens zonnig en droog waren. De zomer van 2026 was echter nog extremer wat de temperaturen betreft.
Zie ook onze maandelijkse klimatologische artikelen :
Juni 2026:
Klimatologisch overzicht van juni 2026
Juli 2026:
Klimatologisch overzicht van juli 2026
Augustus 2026:
Klimatologisch overzicht van augustus 2026
* Belangrijke opmerking over de gemiddelden: de gemiddelden over de periode 1991-2020 worden als referentienormalen gebruikt.





